Op de basisschool was ik de op drie na beste leerling van mijn klas. Ik was een populair kind en kon met iedereen goed opschieten.
Na de basisschool ging ik naar de HAVO, hier faalde ik totaal. Ik was de slechtste van de klas met de laagste cijfers, ik maakte geen huiswerk, bleef zitten in klas 1 en werd in de klas 2 teruggezet naar de MAVO, in mijn ogen een complete mislukking.
Op de MAVO bleek echter dat ik met wat leren zesjes kon halen en met nog meer studie achten en negens mogelijk waren, dit was de trigger naar meer. De HAVO was daarna door hard werken snel doorlopen.
Tijdens mijn middelbare schooltijd heb ik, vanaf mijn 15e, in elke zomervakantie drie weken lang een grote feesttent bij ons in de stad helpen opbouwen, voor een feestweekend. De versiering en logo’s van het feest op de houten platen van de verschillende barretjes in de tent werden geschilderd door een plaatselijke schilder. Het was altijd een bonte verzameling van voornamelijk gekleurde ballonnen. Enkele jaren later werden ook de tafels waar de glazen op stonden van een kleurtje voorzien. In het feestweekend was ik glazenspoeler en glazenhaler.
Tijdens het feest, dat van donderdag tot en met zondag plaatsvond, bladderde de verf van de tafels waar de inmiddels natte glazen omgekeerd op stonden. De onderste glazen hadden een mooi gekleurd randje van de verf van de tafel.
Vóór die tijd wist ik totaal nog niet welke studierichting ik op wilde, maar na dit voorval wilde ik erg graag weten hoe dit probleem opgelost kon worden. De plaatselijke schilder had hem die avond al aardig zitten, dus hij wist op HBO niveau geen schildersopleiding te verzinnen. De volgende dag bleek, na een korte zoektocht, Enschede een HTS Chemische Technologie met afstudeerrichting Beschermingstechniek, hogere schilderkunde, te huisvesten.
Vier jaar later mocht ik mij ingenieur schilder noemen, commercieel-technisch opgeleid. Zoek daar maar eens een baan in, in het Oosten van het land. Het was 1996.
Een poedercoat applicateur in het Westen van het land wilde mij wel aannemen als kwaliteitsmedewerker. Na twee jaar had ik het daar wel gezien en ging de verfontwikkeling in. Dit duurde ook twee jaar, ik wilde graag uit het lab de weg op.
Tijdens een tentfeest in de Achterhoek kwam ik een oud studiegenoot tegen. ‘Hier heb je een kaartje van mijn baas, bel die maar.’ De week erna had ik een nieuwe baan als verfinspecteur.
23 jaar later ben ik dat nog steeds en inmiddels terugverhuisd naar het Oosten.
Na het uitvoeren van een inspectie moet er in de meeste gevallen een rapportage worden gemaakt, zowel lange moeilijke als korte makkelijke en andersom.
Ik heb geleerd de tijd te nemen en het rapport even te laten liggen, anders krijg je het bijna volledig rood onderstreept terug. De rode strepen werden met de jaren minder. Een rapportagetijger was geboren.
De laatste jaren heb ik het belang ingezien om de normen en standaarden die gelden in de verfindustrie goed te kennen, het liefst van buiten.
Als inspecteur is het namelijk gemakkelijk om alle normen die betrekking hebben op het werk te weten. Specificaties en bestekken kunnen snel worden gescand, conflicten kunnen doelgericht worden aangepakt en de kennis helpt met het benodigde schakelen tussen de verschillende inspecties op een dag.
Vier jaar geleden werd LinkedIn een belangrijk uithangbord, ik begon blogs te schrijven, hoorcolleges opnemen en vlogs te maken. Om van de nood een deugd te maken, ik leer niet gemakkelijk, schreef ik vanaf toen van elke leersituatie een verhaal. Nu, drie jaar later heb ik een stapel verhalen die ik kan inzetten als blog of kan gebruiken als naslagwerk en heb ik een vast ritme ontwikkeld om dit aan te blijven vullen.
Naast mijn werk als inspecteur op het gebied van conserveringen op staal ben ik columnist bij de SchildersVakkrant en trainer/ coach van onze plaatselijke meiden voetbalteam.
